Citaat | Raad van State 10 augustus 2016
Alinea 60 Raad van State 10 augustus 2016
Een alinea uit Raad van State 10 augustus 2016, ECLI:NL:RVS:2016:2195.
De conclusie is dat de rechtbank terecht tot het oordeel is gekomen dat het college in redelijkheid van handhavende maatregelen heeft kunnen afzien, gelet op de onevenredigheid daarvan in dit geval. De verwijzing van [appellant sub 1] naar een uitspraak van de Afdeling van 8 oktober 2014 (ECLI:NL:RVS:2014:3635), waarin de Afdeling anders dan de rechtbank heeft geoordeeld dat voor het college geen grond bestond om in dat geval de aan de orde zijnde overtreding als van geringe aard en ernst aan te merken, kan hem niet baten. De vraag of handhaving onevenredig is in verhouding tot de daarmee te dienen belangen, wordt voor ieder geval afzonderlijk beoordeeld. In dat geval ging het om een aanbouw aan de achtergevel van een woning met een diepte van 3,50 m. Reeds de omstandigheid dat het gebouwde dermate afwijkt en van veel grotere omvang is dan hetgeen in deze zaak is geplaatst, maakt dat beide gevallen niet vergelijkbaar zijn.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/a07fbdd30004cddd766322963300362398c4b2184b66a073d677521d636963f8. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt a07fbdd30004cddd766322963300362398c4b2184b66a073d677521d636963f8, en de alinea staat in dat document op bytes 22582 tot 23531.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/a07fbdd30004cddd766322963300362398c4b2184b66a073d677521d636963f8 | shasum -a 256