Citaat | Raad van State 10 augustus 2016

Alinea 36 Raad van State 10 augustus 2016

Een alinea uit Raad van State 10 augustus 2016, ECLI:NL:RVS:2016:2202.

Zoals de Afdeling verder eerder heeft overwogen (uitspraak van 10 mei 2011, ECLI:NL:RVS:2011:BQ4617) geldt als uitgangspunt dat, in het geval van niet aangetekende verzending van een besluit of een ander rechtens van belang zijnd document, het bestuursorgaan aannemelijk dient te maken dat het desbetreffende stuk is verzonden. De omstandigheid dat per post verzonden stukken in de regel op het daarop vermelde adres van de geadresseerde worden bezorgd, rechtvaardigt het vermoeden van ontvangst van het besluit of ander relevant document op dat adres. Dit brengt mee dat het bestuursorgaan in eerste instantie kan volstaan met het aannemelijk maken van verzending naar het juiste adres.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/c347c88e64a26a38e9bbdab41b60113926ec97709bd320e67e6930bccc140d97. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt c347c88e64a26a38e9bbdab41b60113926ec97709bd320e67e6930bccc140d97, en de alinea staat in dat document op bytes 11811 tot 12511.