Citaat | Raad van State 3 februari 2016
Alinea 34 Raad van State 3 februari 2016
Een alinea uit Raad van State 3 februari 2016, ECLI:NL:RVS:2016:224.
7.4. Dat [appellant] de schade had kunnen voorkomen door de inrichting binnen de in artikel 8.18, eerste lid, van de Wet milieubeheer bepaalde termijn te voltooien en in werking te brengen, betekent niet dat de schade geheel of gedeeltelijk voor zijn rekening mag worden gelaten. [appellant] heeft onweersproken gesteld dat hij van de vergunning van 5 september 2006 geen gebruik heeft gemaakt in verband met de mogelijkheid van een verplichte verplaatsing van zijn bedrijf op grond van de Reconstructiewet concentratiegebieden. Om de uit de vergunning voortvloeiende rechten veilig te stellen, heeft hij, rekening houdend met de wettelijke beslistermijn, tijdig, op 11 december 2009, een aanvraag om revisievergunning ingediend. Van [appellant] kon redelijkerwijs niet worden gevergd om op het besluit van 25 augustus 2010 te anticiperen. Zijn plicht tot schadebeperking strekte niet zo ver, dat hij gebruik diende te maken van de vergunning van 5 september 2006, louter en alleen met het oog op de kans dat het college bij een aanvraag om revisievergunning onrechtmatig zou handelen, waardoor niet binnen de in artikel 8.18, eerste lid, van de Wet milieubeheer bepaalde termijn revisievergunning zou kunnen worden verleend.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/772bfa58c065aa0c415be34193625869d6261c05f3538c9426402100bb2e7dc8. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 772bfa58c065aa0c415be34193625869d6261c05f3538c9426402100bb2e7dc8, en de alinea staat in dat document op bytes 15925 tot 17163.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/772bfa58c065aa0c415be34193625869d6261c05f3538c9426402100bb2e7dc8 | shasum -a 256