Citaat | Raad van State 10 augustus 2016

Alinea 29 Raad van State 10 augustus 2016

Een alinea uit Raad van State 10 augustus 2016, ECLI:NL:RVS:2016:2278.

2.4. De staatssecretaris heeft zich in redelijkheid op het standpunt kunnen stellen dat de omstandigheid dat de gezinsleden van elkaar gescheiden zullen worden, waardoor de ouders hun minderjarige zoon niet opnieuw onder hun hoede kunnen nemen, geen bijzondere individuele omstandigheid is die maakt dat de overdracht van de vreemdelingen aan Italië van een onevenredige hardheid getuigt. Daarbij heeft de staatssecretaris de in 2.3. genoemde omstandigheden kunnen betrekken en redengevend kunnen achten. De uit de preambule van de Dublinverordening voortvloeiende waarborgen met betrekking tot het familie- en gezinsleven en de belangen van het kind, hebben hun weerslag gevonden in hoofdstuk 3 "criteria voor het aanwijzen van de verantwoordelijke lidstaat" en met name de artikelen 9 en 10. De Dublinverordening beoogt wel waarborgen te bieden voor gezinsleden die asiel hebben aangevraagd om deze zoveel mogelijk bij elkaar te houden. De Dublinverordening is echter niet bedoeld als route waarlangs op reguliere grond verblijf bij gezinsleden in Nederland kan worden verkregen; hiervoor staan andere regelingen open (zie de uitspraak van de Afdeling van 19 februari 2016; ECLI:NL:RVS:2016:563).

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/93093be87a946790cecdfd9b99f3a75c05ef2a8e03aa91f6940add8542be5818. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 93093be87a946790cecdfd9b99f3a75c05ef2a8e03aa91f6940add8542be5818, en de alinea staat in dat document op bytes 11890 tot 13102.