Citaat | Raad van State 14 september 2016
Alinea 49 Raad van State 14 september 2016
Een alinea uit Raad van State 14 september 2016, ECLI:NL:RVS:2016:2388.
Voorts volgt uit vaste jurisprudentie van de Afdeling (onder meer de genoemde uitspraak van 9 december 2009) dat een bestuursorgaan in de regel eerst met de boetekennisgeving jegens de beboete een handeling verricht waaraan deze de verwachting mag ontlenen dat het bestuursorgaan hem een boete zal opleggen. In de grote meerderheid van de gevallen zal derhalve de dag waarop het bestuursorgaan deze kennisgeving doet, gelden als het tijdstip waarop de redelijke termijn bedoeld in artikel 6, eerste lid, van het EVRM aanvangt. Dit is ook hier het geval.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/0ae352bd782a944372817264d9b4ed2e3b44cec96aaf80a9c0014bcf94a39d2e. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 0ae352bd782a944372817264d9b4ed2e3b44cec96aaf80a9c0014bcf94a39d2e, en de alinea staat in dat document op bytes 31770 tot 32336.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/0ae352bd782a944372817264d9b4ed2e3b44cec96aaf80a9c0014bcf94a39d2e | shasum -a 256