Citaat | Raad van State 21 september 2016

Alinea 35 Raad van State 21 september 2016

Een alinea uit Raad van State 21 september 2016, ECLI:NL:RVS:2016:2500.

De vennootschap betoogt tevergeefs dat de minister de feitelijke aard van de werkzaamheden niet heeft vastgesteld. Uit de bij het boeterapport gevoegde arbeidsovereenkomsten volgt dat de vreemdelingen als oproepkracht werkzaam zouden zijn in het door de vennootschap gedreven restaurant. [wettelijk vertegenwoordiger] heeft verklaard dat het, afhankelijk van de drukte, voorkwam dat haar werknemers op één avond worden ingezet in het restaurant van de vennootschap én in het restaurant [naam], dat ten tijde van belang door [bedrijf A] werd gedreven. Voorts is in voormelde arbeidsovereenkomsten een bepaling opgenomen over de verdeling van de fooienpot. Gelet hierop heeft de minister zich terecht op het standpunt gesteld dat de vreemdelingen als algemeen horecamedewerker werkzaam zijn geweest.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/8e41a1d5736a2567bab94df72f363488d43973bc6f4feb4697496ef214576db0. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 8e41a1d5736a2567bab94df72f363488d43973bc6f4feb4697496ef214576db0, en de alinea staat in dat document op bytes 16295 tot 17108.