Citaat | Raad van State 21 september 2016

Alinea 36 Raad van State 21 september 2016

Een alinea uit Raad van State 21 september 2016, ECLI:NL:RVS:2016:2512.

7. [appellante sub 1] betoogt dat de rechtbank ten onrechte heeft overwogen dat ten aanzien van de herziening van de zorgtoeslag voor 2012 is voldaan aan de eisen van artikel 21, eerste lid, aanhef en onder a, van de Algemene wet inkomensafhankelijke regelingen (hierna: de Awir). Volgens haar is de intrekking van de verblijfsvergunning niet aan te merken als een onvoorzienbaar feit. Elke verblijfsvergunning kan worden ingetrokken, zodat het een ingecalculeerd risico is om aan mensen met een verblijfsvergunning toeslagen te verstrekken. Daarbij komt dat de Belastingdienst/Toeslagen bij de toekenning van toeslagen aan vreemdelingen niet de waarschuwing geeft dat het recht daarop nadien kan vervallen. Verder is het voor haar niet mogelijk om met terugwerkende kracht geen zorgverzekering te hebben gehad en heeft zij te goeder trouw gehandeld toen zij de zorgtoeslag kreeg, aldus [appellante sub 1].

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/d0f12419d536bd6d1988b613dded2192eadb73b06da5a76424d235b17869f92d. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt d0f12419d536bd6d1988b613dded2192eadb73b06da5a76424d235b17869f92d, en de alinea staat in dat document op bytes 11626 tot 12545.