Citaat | Raad van State 21 september 2016

Alinea 56 Raad van State 21 september 2016

Een alinea uit Raad van State 21 september 2016, ECLI:NL:RVS:2016:2513.

7. [appellant] betoogt dat de rechtbank heeft miskend dat de bij besluit van 21 augustus 2014 opgelegde dwangsom onredelijk hoog is. Volgens [appellant] staat de hoogte van de opgelegde dwangsom niet in verhouding tot de geconstateerde overtreding. In dit verband merkt [appellant] op dat hij met betrekking tot de brandveiligheid reeds in een vroeg stadium aan zijn verplichtingen heeft voldaan. Daarnaast was volgens hem een extra financiële prikkel in de vorm van een verhoging van de dwangsom niet noodzakelijk om te bewerkstelligen dat hij het aantal wooneenheden zou terugbrengen, nu hij daarover reeds in overleg was met de gemeente. Voorts volgt volgens [appellant] uit de uitspraak van de voorzitter van de Afdeling bestuursrechtspraak van 13 maart 1996, AB 1996, 458, dat bij het opleggen van een last onder dwangsom geen rekening mag worden gehouden met de geschatte huurinkomsten van [appellant].

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/881208882257bfcddad3d8d1eb218a030fc3a9cecd888769b0c3c0d9ff6bb690. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 881208882257bfcddad3d8d1eb218a030fc3a9cecd888769b0c3c0d9ff6bb690, en de alinea staat in dat document op bytes 23504 tot 24426.