Citaat | Raad van State 28 september 2016

Alinea 34 Raad van State 28 september 2016

Een alinea uit Raad van State 28 september 2016, ECLI:NL:RVS:2016:2534.

2.3. In de enkele zwaarte van de opgelegde maatregel zoals gesteld door [appellant] ziet de Afdeling geen aanleiding voor het oordeel dat het in bezwaar gehandhaafde besluit van 12 september 2014 reeds om die reden als een ‘criminal charge’ moet worden aangemerkt. Dat als gevolg van de ongeldigverklaring van het rijbewijs wegens het niet meewerken aan het asp het voor de betrokkene niet zonder meer mogelijk is om in het bezit van een rijbewijs te komen, leidt niet tot het oordeel dat het besluit waarbij het rijbewijs ongeldig is verklaard als een ‘criminal charge’ moet worden aangemerkt. Voorop wordt gesteld dat de verplichting om deel te nemen aan het asp niet voortvloeit uit het onderhavige besluit maar uit het besluit waarbij het asp is opgelegd. Anders dan [appellant] stelt, komt de ongeldigverklaring van zijn rijbewijs er niet op neer dat hij voor de duur van vijf jaar geen rijbewijs kan verkrijgen. Voor het verkrijgen van een nieuw rijbewijs kan [appellant] een Eigen verklaring ter verkrijging van een verklaring van geschiktheid voor het besturen van een motorvoertuig indienen. Volgens artikel 97, vijfde lid, van het Reglement Rijbewijzen wordt ten behoeve van degene wiens rijbewijs wegens het niet meewerken aan het asp ongeldig is verklaard gedurende een periode van ten hoogste vijf jaren na de ongeldigverklaring van het rijbewijs geen verklaring van geschiktheid geregistreerd. Het CBR heeft ter zitting benadrukt dat deze bepaling ruimte biedt om eerder dan na vijf jaar weer in het bezit van een rijbewijs te komen, waarbij is aangegeven dat in dit verband wordt gekeken naar de gevolgen die het te nemen besluit voor de betrokkene heeft. De Afdeling begrijpt deze toelichting aldus, dat in voorkomende gevallen afhankelijk van de individuele omstandigheden van het geval zal worden beoordeeld welke termijn gehanteerd wordt. Het opnieuw moeten voldoen van de kosten is naar het oordeel van de Afdeling niet zodanig bezwarend dat het besluit om die reden als ‘criminal charge’ moet worden aangemerkt. Daarbij acht de Afdeling van belang dat het CBR ter zitting onweersproken heeft gesteld dat niet alle kosten opnieuw moeten worden voldaan. Volgens het CBR hoeft de deelnemer niet opnieuw de kosten voor het inbouwen van het alcoholslot te voldoen omdat na het stopzetten van het asp het alcoholslot niet hoeft te worden uitgebouwd. De extra kosten bestaan volgens het CBR dan voornamelijk uit het langer leasen van het alcoholslot.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/e4e840c41e40e4c41c10c2c0f9c09fc7c05c4e0ef43ff10e97aeb78bf9db6417. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt e4e840c41e40e4c41c10c2c0f9c09fc7c05c4e0ef43ff10e97aeb78bf9db6417, en de alinea staat in dat document op bytes 14718 tot 17210.