Citaat | Raad van State 19 oktober 2016
Alinea 78 Raad van State 19 oktober 2016
Een alinea uit Raad van State 19 oktober 2016, ECLI:NL:RVS:2016:2742.
9.1. In de plantoelichting is vermeld dat met betrekking tot de voorgenomen ontwikkeling overleg is gevoerd met het Waterschap Groot Salland, waarbij voor de waterhuishouding van het plangebied een aantal uitgangspunten en te treffen maatregelen is benoemd. De raad heeft deze uitgangspunten en maatregelen bij het plan betrokken en een watertoets verricht, die als bijlage bij de plantoelichting is gevoegd. Wat de waterhuishouding van het plangebied betreft is in de plantoelichting een beschrijving gegeven van de bestaande situatie en van de situatie van de voorziene tunnel. Hierbij is in de bestaande situatie uitgegaan van de aanwezigheid van grasland, de bestaande maaiveldhoogte van ongeveer 7 m boven NAP, de parallel aan de N348 liggende greppels en watergangen om afstromend regenwater te bergen en te laten infiltreren, waarbij is vastgesteld dat de watergangen niet jaarrond watervoerend zijn. In de directe omgeving van het plangebied zijn geen hoofdwatergangen aanwezig. De bodem bestaat uit zwak ziltig, fijn zand tot een diepte van 4 m beneden maaiveld, de grondwaterstand bevindt zich tussen 1,5 en 3 m beneden maaiveld en er is geen grondwaterbeschermingsgebied aanwezig. In de situatie van de voorziene tunnel wordt door de aanleg van de ongelijkvloerse kruising de langs de N348 aanwezige waterstructuur onderbroken. Ter compensatie hiervan wordt aan weerszijden van de nieuw aan te leggen wegen een greppel aangelegd, die waar mogelijk op omliggende greppels worden aangesloten. Op basis van heersende grondwaterstanden tot 5,5 m boven NAP is het niet nodig om deze greppels een ontwaterende functie te geven. Een diepte van 0,5 m en een bodembreedte van 0,5 m is voor de greppels voldoende. In de voorziene situatie stroomt regenwater oppervlakkig af naar de bermen, waar het water in de bodem infiltreert. Deze greppels hebben de functie van aanvullende waterberging als gevolg van de aanleg van extra verharding. Uit de watertoets blijkt dat de toename van de verharding door het plan ongeveer 2.500 m² bedraagt. Voor de omvang van de vereiste waterberging geldt bij een toename van de verharding bij een onderdrempel van 1.500 m² de eis van het waterschap voor een waterberging van 20 mm. Met de aanleg van de greppels langs de wegen als waterberging wordt ruimschoots aan deze eis van 20 mm voldaan. Verder wordt in de plantoelichting vermeld dat regenwater in de tunnel dient te worden opgevangen in een bergingsvoorziening om vervolgens naar een infiltratievoorziening direct naast de tunnel te worden verpompt. Hiervoor kan de ruimte benut worden tussen de bestaande en de toekomstige Oude Twentseweg. De grootte van de infiltratievoorziening is afhankelijk van de rioleringseis van de wegbeheerder. Wat het grondwater binnen het plangebied betreft wordt vermeld dat de folieconstructie van de tunnel op het diepste punt 7 m beneden maaiveld wordt aangelegd. Hierdoor wordt plaatselijk de grondwaterstroming belemmerd. Gezien de relatief korte lengte van barrièrewerking van ongeveer 50 m en de goede doorlatendheid van de bodem is verandering van de grondwaterstand door de voorziene ontwikkeling niet aan de orde. Verder is van belang dat het plangebied niet ligt in een gebied met een overstromingsrisico. De raad stelt zich op het standpunt dat onder de genoemde omstandigheden de voorziene tunnel geen invloed op de waterhuishouding en het watersysteem heeft.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/004e673bd1dcfcb3b7100e0ab38b35d9252705cc3c007a00ea8a2a2e88a1adfc. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 004e673bd1dcfcb3b7100e0ab38b35d9252705cc3c007a00ea8a2a2e88a1adfc, en de alinea staat in dat document op bytes 40577 tot 43988.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/004e673bd1dcfcb3b7100e0ab38b35d9252705cc3c007a00ea8a2a2e88a1adfc | shasum -a 256