Citaat | Raad van State 19 oktober 2016

Alinea 32 Raad van State 19 oktober 2016

Een alinea uit Raad van State 19 oktober 2016, ECLI:NL:RVS:2016:2770.

4.1. Uit de jurisprudentie van de Afdeling (uitspraak van 4 december 2013, ECLI:NL:RVS:2013:2256), volgt dat [appellante] als overtreder kan worden aangemerkt, indien zij wist of redelijkerwijs had kunnen weten dat de woning als hennepplantage werd gebruikt. Van de eigenaar van een pand dat wordt verhuurd, mag worden gevergd dat hij zich tot op zekere hoogte informeert over het gebruik dat van het door hem verhuurde pand wordt gemaakt. Zoals de Afdeling eveneens eerder heeft overwogen (uitspraak van 4 september 2013, ECLI:NL:RVS:2013:992) behoeft het recht op privacy van een huurder niet in de weg te staan aan het kunnen controleren van het eigendom van de verhuurder. In hetgeen [appellante] heeft aangevoerd over het niet kunnen controleren van de gehele woning, wordt dan ook geen grond gevonden voor het oordeel dat het voor haar niet mogelijk was om afspraken te maken met de huurder teneinde het gebruik van de woning te kunnen controleren. Zij had onder meer in de huurovereenkomst afspraken kunnen neerleggen over het inspecteren van de woning.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/ed33346411d3e5b2f2e07736cc3ed9379c7c7f16153e341182c65d195c67dfd2. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt ed33346411d3e5b2f2e07736cc3ed9379c7c7f16153e341182c65d195c67dfd2, en de alinea staat in dat document op bytes 13511 tot 14584.