Citaat | Raad van State 3 oktober 2016

Alinea 9 Raad van State 3 oktober 2016

Een alinea uit Raad van State 3 oktober 2016, ECLI:NL:RVS:2016:2846.

verklaart het hoger beroep niet-ontvankelijk. Daartoe overweegt zij het volgende. De minister heeft in zijn verweerschrift van 16 september 2016 aangevoerd dat in deze zaak sprake is van misbruik van recht. De Afdeling is van oordeel dat in deze zaak sprake is van aan [appellant] toe te rekenen misbruik door zijn [gemachtigde] van de wettelijke bevoegdheid om een verzoek op grond van de Wet openbaarheid van bestuur (hierna: de Wob) in te dienen en hoger beroep in te stellen. Dit oordeel is op de volgende feiten en omstandigheden gebaseerd: - de Afdeling heeft in een groot aantal uitspraken (onder meer de uitspraken van 19 november 2014, ECLI:NL:RVS:2014:4129, 5 augustus 2015, ECLI:NL:RVS:2015:2446, 27 januari 2016, ECLI:NL:RVS:2016:157, 26 april 2016, ECLI:NL:RVS:2016:1102, 8 juni 2016, ECLI:NL:RVS:2016:1585, 6 juli 2016, ECLI:NL:RVS:2016:1885 en ECLI:NL:RVS:2016:1884, 13 juli 2016, ECLI:NL:RVS:2016:1950 en ECLI:NL:RVS:2016:1957, en 24 augustus 2016, ECLI:NL:RVS:2016:2312) ten aanzien van soortgelijke Wob-procedures als in deze zaak waarbij [gemachtigde] is betrokken, geoordeeld dat misbruik is gemaakt van de bevoegdheid om een Wob-verzoek in te dienen en een rechtsmiddel in te stellen. Dat [gemachtigde] dit misbruik veelvuldig maakt, wordt bevestigd door het in het verweerschrift van de minister genoemde bedrag van € 309.318,00 dat [gemachtigde] in de periode van 2012 tot en met 2015 aan dwangsommen en proceskostenvergoedingen heeft ontvangen in verband met, zoals het verzoek in deze zaak, bij de CVOM ingediende Wob-verzoeken; - de Afdeling heeft in een aantal uitspraken (onder meer uitspraken van 19 november 2014, ECLI:NL:RVS:2014:4129 en 13 juli 2016, ECLI:NL:RVS:2016:1947) ten aanzien van soortgelijke Wob-procedures als in deze zaak waarbij [appellant] is betrokken, geoordeeld dat misbruik is gemaakt van de bevoegdheid om een Wob-verzoek in te dienen en een rechtsmiddel in te stellen; - [gemachtigde] voert als rechtsbijstandverlener veel procedures over Wob-verzoeken, waarbij hij veelvuldig gebruik maakt van zeer algemeen geformuleerde machtigingen, zoals hij ook in deze zaak heeft gedaan; - [appellant] is zelf rechtsbijstandverlener en heeft ruime ervaring met procedures over Wob-verzoeken. In plaats van in deze zaak zelf over zijn Wob-verzoek te procederen, heeft [appellant] ervoor gekozen om [gemachtigde] in te schakelen; - het is onduidelijk wat in het Wob-verzoek in deze zaak wordt bedoeld met "alle digitaal vastgelegde gegevens in uw IT-systemen". Deze vaagheid van het verzoek maakt het op het verzoek te nemen besluit onnodig extra vatbaar voor discussie in vervolgprocedures; - in bezwaar en beroep is [gemachtigde] gevraagd om een specifiekere machtiging over te leggen, hetgeen hij niet heeft gedaan. [gemachtigde] heeft de rechtbank voorts geen toestemming gegeven een nadere zitting achterwege te laten, terwijl hij noch [appellant] op de zittingen van de rechtbank is verschenen. w.g. Borman w.g. Hartsuiker

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/6b7f94dad078d033d57e6ddd0b7de60acd17a991bc2c0d2e4ea99e4cdf2874b7. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 6b7f94dad078d033d57e6ddd0b7de60acd17a991bc2c0d2e4ea99e4cdf2874b7, en de alinea staat in dat document op bytes 4862 tot 7846.