Citaat | Raad van State 9 november 2016

Alinea 43 Raad van State 9 november 2016

Een alinea uit Raad van State 9 november 2016, ECLI:NL:RVS:2016:2990.

4. [appellant sub 1A] en [appellant sub 1B] betogen dat de rechtbank in de tussenuitspraak van 18 maart 2015 niet heeft onderkend dat het bestreden dwangsombesluit niet gestoeld kon zijn op de APV. Daartoe voeren zij aan dat een verwijzing naar de Wegenverkeerswet voor een doel dat feitelijk afgedekt wordt door de Wegenwet nietig is. Volgens [appellant sub 1A] en [appellant sub 1B] heeft de rechtbank niet onderkend dat het college met het dwangsombesluit onzorgvuldig heeft gehandeld omdat het college de Wegenwet heeft gebruikt voor een ander doel dan waarvoor deze in het leven is geroepen, namelijk ter verhoging van de kennelijk plaatselijk nagestreefde allure. Ook is feitelijk sprake van annexatie van de grond. Bovendien had van het college mogen worden verlangd dat het de last zou beperken tot het vrijmaken van de strook grond voor zover dat absoluut noodzakelijk was om het bestaan van een qua breedte minimaal redelijk trottoir te kunnen realiseren. Zonder oplegging van de last had het college immers al een trottoir van één meter en zeventig centimeter breed kunnen realiseren, aldus [appellant sub 1A] en [appellant sub 1B].

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/de64df7e7fb3e308739fb2557114f5f18a9a69b867ae57d9881cd55b6bd117f7. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt de64df7e7fb3e308739fb2557114f5f18a9a69b867ae57d9881cd55b6bd117f7, en de alinea staat in dat document op bytes 13983 tot 15141.