Citaat | Raad van State 16 november 2016
Alinea 64 Raad van State 16 november 2016
Een alinea uit Raad van State 16 november 2016, ECLI:NL:RVS:2016:3056.
Uit de door [appellante] overgelegde stukken blijkt niet dat zij recht heeft op een kinderopvangtoeslag over 2012 en 2013. Over het toeslagjaar 2012 heeft [appellante] niet aangetoond wat de hoogte is geweest van de kosten van kinderopvang. Zij heeft een jaaropgave overgelegd, waaruit blijkt dat de kosten van kinderopvang over 2012 in totaal € 21.988,80 hebben bedragen, terwijl volgens de overgelegde facturen over 2012 de kosten in totaal € 14.659,00 hebben bedragen. [appellante] heeft voorts een brief overgelegd, waarin het gastouderbureau te kennen heeft gegeven dat er "op basis van de jaaropgave meer uren zijn afgenomen dan is gefactureerd" en dat daarom een factuur zou worden nagezonden, maar [appellante] heeft die factuur niet overgelegd. Nu [appellante] niet heeft aangetoond wat de kosten van kinderopvang zijn geweest over 2012, kan zij evenmin aantonen dat zij het bedrag van die kosten volledig heeft voldaan (vergelijk de uitspraak van de Afdeling van 8 april 2015, ECLI:NL:RVS:2015:1108) en komt zij reeds hierom niet in aanmerking voor een kinderopvangtoeslag over 2012. Met betrekking tot het jaar 2013 overweegt de Afdeling dat uit de door [appellante] overgelegde overeenkomsten over het jaar 2013 blijkt dat de kinderen voor 180 uren per maand werden opgevangen, in de periode van januari tot en met juni door [gastouder A] en in de periode van juli tot en met december door [gastouder B]. De Belastingdienst/Toeslagen heeft zich onweersproken op het standpunt gesteld dat nu [gastouder A] en [gastouder B] allebei een voltijdsbaan elders hebben gehad in 2013, zij niet tegelijkertijd de kinderen hebben kunnen opvangen voor 180 uren per maand en nu voorts [gastouder B] over 2013 niet is ingeschreven als gastouder in het Landelijk Register Kinderopvang, er niet voor 180 uren per maand opvang heeft plaatsgevonden door een geregistreerde gastouder. Voorts overweegt de Afdeling dat [appellante] over 2013 een re-integratietraject heeft gevolgd en dat zij aldus niet in de nachtelijke uren opvang nodig heeft gehad. Bovendien waren de kinderen van [appellante] in 2013 in de leeftijd dat zij naar de basisschool gingen, zodat zij niet 180 uren per maand hoefden te worden opgevangen. [appellante] heeft het tegendeel niet aannemelijk gemaakt. Gelet op het voorgaande maakt [appellante] geen aanspraak op een kinderopvangtoeslag over dat jaar.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/b2677595ad666eac0191ae03b3da9219c9a143d9be542a5caa2cb465213dcdbe. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt b2677595ad666eac0191ae03b3da9219c9a143d9be542a5caa2cb465213dcdbe, en de alinea staat in dat document op bytes 21312 tot 23699.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/b2677595ad666eac0191ae03b3da9219c9a143d9be542a5caa2cb465213dcdbe | shasum -a 256