Citaat | Raad van State 10 februari 2016
Alinea 33 Raad van State 10 februari 2016
Een alinea uit Raad van State 10 februari 2016, ECLI:NL:RVS:2016:323.
Zoals de Afdeling eerder heeft overwogen (bijvoorbeeld de uitspraak van 22 december 2004 in zaak nr. 200404708/1, kan geen uitspraak van de bestuursrechter worden gevraagd uitsluitend vanwege de principiële betekenis ervan. Ter beoordeling staat derhalve of B&W en de gemeente procesbelang kunnen ontlenen aan de omstandigheid dat, naar zij stellen, de besluiten zich in de toekomst zullen herhalen. Dat zal alleen het geval zijn, indien het college ook in de toekomst een reservering ten behoeve van omrijkosten maakt, de gemeente wederom een subsidieaanvraag indient, die ook dan op een plaats op de prioriteitenlijst wordt gerangschikt die door het bereiken van het subsidieplafond niet voor subsidie in aanmerking komt en zich tevens de situatie voordoet dat de subsidie had kunnen worden verleend als geen reservering ten behoeve van omrijkosten zou zijn gemaakt. Dat deze combinatie van omstandigheden zich in de toekomst wederom zal voordoen, is zodanig onzeker dat daaraan niet een procesbelang kan worden ontleend. Hierbij wordt in aanmerking genomen dat ter zitting is gebleken dat bedoelde herhaling in 2014 en 2015 niet heeft plaatsgevonden.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/c103a14c395a97913c4afc21639d89c51f220e00c85f10e49e9cf629b97042f8. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt c103a14c395a97913c4afc21639d89c51f220e00c85f10e49e9cf629b97042f8, en de alinea staat in dat document op bytes 11087 tot 12258.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/c103a14c395a97913c4afc21639d89c51f220e00c85f10e49e9cf629b97042f8 | shasum -a 256