Citaat | Raad van State 20 december 2016

Alinea 26 Raad van State 20 december 2016

Een alinea uit Raad van State 20 december 2016, ECLI:NL:RVS:2016:3350.

3.3. In zijn arrest van 26 april 2007, Gebremedhin tegen Frankrijk, ECLI:CE:ECHR:2007:0426JUD002538905, heeft het EHRM overwogen dat, in zaken waarin een 'arguable claim' over artikel 3 van het EVRM voorligt, rechtsmiddelen die van rechtswege geen schorsende werking hebben, geen effectieve rechtsmiddelen zijn als bedoeld in artikel 13 van het EVRM. Het EHRM heeft deze rechtspraak sindsdien meermalen herhaald (in onder meer het arrest van de Grote Kamer van 23 februari 2012, Hirsi Jamaa tegen Italië, ECLI:CE:ECHR:2012:0223JUD002776509, het arrest van de Grote Kamer van 13 december 2012, De Souza Ribeiro tegen Frankrijk, ECLI:CE:ECHR:2012:1213JUD002268907, en het arrest van 23 juli 2013, M.A. tegen Cyprus, ECLI:CE:ECHR:2013:0723JUD004187210).

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/796cfa5853a2b9a8b6c5b3754efb9bd861fef97af8c6a605b0db61e640fe0488. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 796cfa5853a2b9a8b6c5b3754efb9bd861fef97af8c6a605b0db61e640fe0488, en de alinea staat in dat document op bytes 9545 tot 10309.