Citaat | Raad van State 20 december 2016
Alinea 30 Raad van State 20 december 2016
Een alinea uit Raad van State 20 december 2016, ECLI:NL:RVS:2016:3350.
3.6. Het gaat vooralsnog de rechtsvormende taak van de Afdeling en haar voorzieningenrechter te buiten om, in afwijking van de door de wetgever gemaakte keuzes, aan het hoger beroep bij de Afdeling in asielzaken van rechtswege schorsende werking toe te kennen. Het vaststellen van een dergelijke regeling vergt immers een afweging van de voor- en nadelen van het huidige Nederlandse systeem van vreemdelingenrechtelijke rechtsbescherming en behelst beleidsmatige, organisatorische en financiële keuzes die aan de wetgever zijn (vergelijk de uitspraak van de Afdeling van 21 mei 2014, ECLI:NL:RVS:2014:1786 en het arrest van de Hoge Raad van 12 oktober 1984, ECLI:NL:HR:1984:AG4874). Zo zal de wetgever zich bij invoering van schorsende werking in asielzaken moeten afvragen of en in hoeverre daarop uitzonderingen kunnen of moeten worden gemaakt en hoe dit overigens in het systeem van rechtsbescherming in het kader van het vreemdelingenrecht past. Ook zal de wetgever zich moeten beraden op het antwoord op de vraag of aan het recht om de uitkomst van het hoger beroep in Nederland af te wachten ook aanspraken op opvang of andere voorzieningen moeten worden verbonden. Over deze vragen heeft het EHRM zich niet uitgelaten.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/796cfa5853a2b9a8b6c5b3754efb9bd861fef97af8c6a605b0db61e640fe0488. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 796cfa5853a2b9a8b6c5b3754efb9bd861fef97af8c6a605b0db61e640fe0488, en de alinea staat in dat document op bytes 12625 tot 13864.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/796cfa5853a2b9a8b6c5b3754efb9bd861fef97af8c6a605b0db61e640fe0488 | shasum -a 256