Citaat | Raad van State 17 februari 2016
Alinea 210 Raad van State 17 februari 2016
Een alinea uit Raad van State 17 februari 2016, ECLI:NL:RVS:2016:399.
17. [appellant sub 2] betoogt dat artikel 4, lid 4.2.1, onder d, van de planregels, waarin is bepaald dat de totale oppervlakte van gebouwen en overkappingen per bedrijfsperceel ten minste 70% van het bouwvlak bedraagt, niet waarborgt dat per bedrijf 70% aan gebouwen wordt gerealiseerd binnen het bouwvlak, nu de bepaling aldus kan worden uitgelegd dat deze niet ziet op één zelfstandig bedrijf, maar op verschillende bedrijven gezamenlijk. In dit verband wijst hij erop dat het begrip "bedrijfsperceel" wordt omschreven als een aaneengesloten stuk grond dat aan één of meerdere bedrijven toebehoort. De regeling kan er volgens hem toe leiden dat het perceel ter hoogte van zijn woning zodanig wordt ingevuld dat alle bedrijven op het gedeelte komen dat het verst van zijn woning afligt, zodat het gedeelte nabij zijn woning kan worden gebruikt voor opslag van containers, met de bijbehorende geluid- en visuele hinder. Volgens [appellant sub 2] had in plaats van de term "bedrijfsperceel" de term "bedrijf" of "bouwperceel" moeten worden gebezigd.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/92a73e1daf241c0cbf2550a9da8308d75869edb2fae76ff33fb7b83753eb9212. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 92a73e1daf241c0cbf2550a9da8308d75869edb2fae76ff33fb7b83753eb9212, en de alinea staat in dat document op bytes 83547 tot 84613.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/92a73e1daf241c0cbf2550a9da8308d75869edb2fae76ff33fb7b83753eb9212 | shasum -a 256