Citaat | Raad van State 17 februari 2016

Alinea 61 Raad van State 17 februari 2016

Een alinea uit Raad van State 17 februari 2016, ECLI:NL:RVS:2016:399.

Een ongebreidelde toepassing van deze afwijkingsbevoegdheid wordt volgens provinciale staten, naast de eis van het aanmerkelijk synergievoordeel, mede tegengegaan doordat vestiging moet passen binnen een efficiënte en doelmatige kavelverdeling van het bouwvlak. Door de fasering voor het noordwestelijke bouwvlak, de in artikel 4, lid 4.2.2, van de planregels voorziene gevelband en de vorm en ligging van de vier bouwvlakken, zijn volgens provinciale staten in de praktijk alleen de hoeken van het middelste bouwvlak geschikt voor bedrijven met een bouwperceel dat kleiner is dan 5 ha. Voorts wijzen provinciale staten erop dat de Commissie Vestiging vooraf om advies moet worden gevraagd. Gelet op de in zoverre gestelde eisen en de hierop door provinciale staten gegeven toelichting, die de Afdeling aannemelijk voorkomt, ziet de Afdeling geen aanleiding voor het oordeel dat de afwijkingsbevoegdheid ruimte geeft voor een zodanige toepassing dat afbreuk zou worden gedaan aan de doelstelling om het LPM primair te richten op bedrijven met een grote ruimtebehoefte. Het betoog faalt.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/92a73e1daf241c0cbf2550a9da8308d75869edb2fae76ff33fb7b83753eb9212. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 92a73e1daf241c0cbf2550a9da8308d75869edb2fae76ff33fb7b83753eb9212, en de alinea staat in dat document op bytes 26149 tot 27249.