Citaat | Raad van State 24 februari 2016
Onder 30.1. Raad van State 24 februari 2016
Een alinea uit Raad van State 24 februari 2016, ECLI:NL:RVS:2016:465.
De ministers stellen dat er geen onaanvaardbare effecten voor landschap en cultuurhistorie zullen optreden als gevolg van de realisatie van de nieuwe verbinding. Zij verwijzen in dit verband naar de plantoelichting en bijbehorende onderzoeken. In paragraaf 6.6.1 van de plantoelichting en in hoofdstuk 3 van het Achtergrondrapport Landschap en Cultuurhistorie is een overzicht gegeven van de beleidskaders op nationaal, provinciaal en gemeentelijk niveau. Op basis daarvan zijn in paragraaf 6.6.2 het landschappelijk hoofdpatroon, de gebiedskarakteristiek en de lokale landschappelijke en cultuurhistorische elementen in de huidige situatie beschreven. Vervolgens is in paragraaf 6.6.3 ingegaan op de effecten van de nieuwe verbinding op deze landschappelijke en cultuurhistorische waarden. In paragraaf 6.6.5 is de conclusie getrokken dat de kwaliteit van het tracé nagenoeg optimaal is doordat de lijn autonoom is, een heldere eenheid vormt en duidelijk herkenbaar is als bovenregionale infrastructuur. De richtingsveranderingen in het tracé hangen samen met de loop van het tracé, vanaf station Doetinchem 380 kV om de bebouwde kom van Doetinchem heen en vervolgens tussen Ulft en Silvolde door naar het grenspunt bij Voorst. Het tracé van de nieuwe verbinding tast het landschappelijk hoofdpatroon niet aan. De nieuwe verbinding heeft plaatselijk een negatief effect op de gebiedskarakteristiek en op een aantal plaatsen treedt fysieke aantasting van lokale elementen op. De lijn heeft over het algemeen een helder verloop, waardoor geen visueel complexe situaties ontstaan. De bestaande 150 kV-verbinding naar Winterswijk wordt gecombineerd met de nieuwe verbinding, zodat de bestaande lijn uit het landschap verdwijnt. Dat geldt eveneens voor de 150 kV-verbinding van Doetinchem naar Zevenaar, die in het plangebied voor een groot deel onder de grond zal worden gebracht. Ook worden door landschappelijke inpassing, zoals vastgelegd in het landschapsplan, de effecten op het landschap beperkt en wordt bij de positionering van de mastvoeten rekening gehouden met lokale elementen zoals waterlopen en houtwallen. In paragraaf 9.2. van het Achtergrondrapport Ruimtegebruik en Leefomgevingskwaliteit wordt ingegaan op de invloed van een hoogspanningsverbinding op de wijze waarop mensen de omgeving beleven. Uit twee onderzoeken van Alterra blijkt dat hoogspanningsverbindingen geen negatieve invloed hebben op het bezoekersgedrag van recreanten.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/e583d97a060b732cd285224144c748dbc009208b66ad0a27e53fc6bf8520f1d1. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt e583d97a060b732cd285224144c748dbc009208b66ad0a27e53fc6bf8520f1d1, en de alinea staat in dat document op bytes 151427 tot 153893.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/e583d97a060b732cd285224144c748dbc009208b66ad0a27e53fc6bf8520f1d1 | shasum -a 256