Citaat | Raad van State 24 februari 2016

Alinea 122 Raad van State 24 februari 2016

Een alinea uit Raad van State 24 februari 2016, ECLI:NL:RVS:2016:503.

19.2. Gelet op het voorgaande ziet de Afdeling geen grond voor het oordeel dat de minister het voorstel van [appellante sub 4] had moeten betrekken bij de vaststelling van het tracébesluit. Voorts is de vergoeding van eventuele schade als gevolg van het verlies aan gronden vanwege de realisering van het tracébesluit een aspect dat primair in het kader van een verzoek om schadevergoeding of nadeelcompensatie dient te worden beoordeeld. Artikel 22 van de Tracéwet en de Beleidsregel Nadeelcompensatie Infrastructuur en Milieu 2014 bevatten hiervoor een regeling met afzonderlijke procedures en eigen rechtsbeschermingsmogelijkheden. In hetgeen [appellante sub 4] heeft aangevoerd, ziet de Afdeling geen grond voor de verwachting dat de schade zodanig zal zijn, dat de minister bij de afweging van de belangen hieraan een groter gewicht had moeten toekennen dan aan de belangen die met de uitvoering van het tracébesluit worden gediend.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/c1196cf187f110113072cd62a4ab4fb1128df9cff73c5015bb32d05e969963a6. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt c1196cf187f110113072cd62a4ab4fb1128df9cff73c5015bb32d05e969963a6, en de alinea staat in dat document op bytes 51294 tot 52248.