Citaat | Raad van State 2 maart 2016
Alinea 68 Raad van State 2 maart 2016
Een alinea uit Raad van State 2 maart 2016, ECLI:NL:RVS:2016:547.
9. Uit de geschiedenis van de totstandkoming van de wijziging van de Wrb per 1 juli 2010, in het bijzonder de toelichting op het bij Nota van wijziging aangepaste artikel 46 (oud), volgt dat de wetgever onder ogen heeft gezien dat de omstandigheid, dat de raad na de centralisatie zijn zetel te Utrecht heeft, ertoe zou leiden dat de rechtbank binnen het arrondissement Utrecht (thans: arrondissement Midden-Nederland) bij uitsluiting bevoegd is en hij dit niet wenselijk vond. De wetgever wilde met de aanpassing van de Wrb geen wijzigingen aanbrengen in de relatieve bevoegdheid van de vijf ressortsrechtbanken (Kamerstukken II 2008-2009, 31 835, nr. 9, blz. 9). Uit de geschiedenis van de totstandkoming van de Wet aanpassing bestuursprocesrecht (Kamerstukken II 2009-2010, 32 450), waarbij de regeling van de bevoegdheid van de Wrb naar de Awb is overgebracht, volgt evenmin dat de wetgever de vanouds bestaande bevoegdheidsverdeling heeft willen wijzigen. De plaats van de zetel van de raad is dus niet bepalend voor de bevoegdheid van de rechtbank.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/05da63cb4958eee5715c5a7e7b56d607965545b2ee6989ba6d031ebe3abb9cb2. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 05da63cb4958eee5715c5a7e7b56d607965545b2ee6989ba6d031ebe3abb9cb2, en de alinea staat in dat document op bytes 16181 tot 17248.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/05da63cb4958eee5715c5a7e7b56d607965545b2ee6989ba6d031ebe3abb9cb2 | shasum -a 256