Citaat | Raad van State 9 maart 2016
Alinea 32 Raad van State 9 maart 2016
Een alinea uit Raad van State 9 maart 2016, ECLI:NL:RVS:2016:605.
4.1. Uit de bijlagen van het boeterapport blijkt dat vreemdeling 1 ten overstaan van de arbeidsinspecteurs heeft verklaard dat zij vreemdeling 2 verving. Verder blijkt uit de verklaring van [appellant sub 2] van 16 oktober 2013, die hij ten overstaan van de arbeidsinspecteurs heeft afgelegd, dat hem de cautie is verleend en dat hij heeft verklaard dat vreemdeling 1 aan het werk was als afwasser omdat zijn eigenlijke afwasser ziek was. Hij heeft verder verklaard dat zij, vreemdeling 2, "[naam]" (fonetisch) heet. Vervolgens heeft [appellant sub 2], nadat van hem op grond van artikel 5:20 van de Algemene wet bestuursrecht was gevorderd om zijn medewerking te verlenen aan de vaststelling van de identiteit van "[naam] (fonetisch)", een afschrift van het verblijfsdocument van vreemdeling 2 aan de arbeidsinspecteur verzonden.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/7b3322a033ea77ab11f00190be7bc2bddda5fff97071ed57d3e07340e9e9d2f8. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 7b3322a033ea77ab11f00190be7bc2bddda5fff97071ed57d3e07340e9e9d2f8, en de alinea staat in dat document op bytes 10522 tot 11365.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/7b3322a033ea77ab11f00190be7bc2bddda5fff97071ed57d3e07340e9e9d2f8 | shasum -a 256