Citaat | Raad van State 9 maart 2016
Alinea 33 Raad van State 9 maart 2016
Een alinea uit Raad van State 9 maart 2016, ECLI:NL:RVS:2016:605.
Gelet hierop heeft de rechtbank terecht overwogen dat vaststaat dat vreemdeling 2 ten behoeve van [appellant sub 2] arbeid heeft verricht. Voor zover [appellant sub 2] meent dat hem ten onrechte niet opnieuw de cautie is verleend bij aanvang van het aanvullend gehoor op 29 oktober 2013, leidt dat niet tot een ander oordeel. Daartoe is redengevend dat hem reeds eerder de cautie was verleend en het hem derhalve bekend was dat hij niet tot het afleggen van een verklaring verplicht was (vergelijk de uitspraak van de Afdeling van 5 juni 2013 in zaak nr. 201206635/1/V6.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/7b3322a033ea77ab11f00190be7bc2bddda5fff97071ed57d3e07340e9e9d2f8. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 7b3322a033ea77ab11f00190be7bc2bddda5fff97071ed57d3e07340e9e9d2f8, en de alinea staat in dat document op bytes 11385 tot 11968.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/7b3322a033ea77ab11f00190be7bc2bddda5fff97071ed57d3e07340e9e9d2f8 | shasum -a 256