Citaat | Raad van State 13 januari 2016

Alinea 30 Raad van State 13 januari 2016

Een alinea uit Raad van State 13 januari 2016, ECLI:NL:RVS:2016:61.

Volgens paragraaf 3.4 wordt de VOG in beginsel afgegeven wanneer de aanvrager binnen de van toepassing zijnde terugkijktermijn niet voorkomt in de justitiële documentatie, dan wel binnen de terugkijktermijn in de justitiële documentatie een justitieel gegeven wordt vermeld dat, geoordeeld naar de omstandigheden van het geval, onvoldoende zwaarwegend is om op grond daarvan de VOG niet te verstrekken. Indien echter onder deze omstandigheden buiten de van toepassing zijnde terugkijktermijn in de justitiële documentatie een strafbaar feit wordt vermeld waarvan de aard en de ernst zodanig zijn dat, gelet op het doel van de aanvraag en het risico voor de samenleving, de belemmering voor de behoorlijke uitoefening van de beoogde taak of bezigheden te groot wordt geacht, kan de VOG worden geweigerd (hierna: de bijzondere weigeringsgrond). Voorwaarde voor toepassing van deze weigeringsgrond is, voor zover thans van belang, dat in de justitiële documentatie van de twintig jaren voorafgaand aan de aanvraag justitiële gegevens zijn aangetroffen over, voor zover thans van belang, misdrijven waarop naar de wettelijke omschrijving een gevangenisstraf van twaalf jaren of meer is gesteld en waarvoor de aanvrager is veroordeeld tot een onvoorwaardelijke gevangenisstraf.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/9bb3d689191d1807dc981a72a2e075aa098b82bcd8f865720120e773dbe72def. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 9bb3d689191d1807dc981a72a2e075aa098b82bcd8f865720120e773dbe72def, en de alinea staat in dat document op bytes 10319 tot 11609.