Citaat | Raad van State 16 maart 2016
Alinea 31 Raad van State 16 maart 2016
Een alinea uit Raad van State 16 maart 2016, ECLI:NL:RVS:2016:701.
Op grond van het voorgaande is de Afdeling van oordeel dat [appellant C] de bevoegdheid om een Wob-verzoek in te dienen heeft gebruikt met kennelijk geen ander doel dan om ten laste van de overheid geldsommen te incasseren en die bevoegdheid derhalve heeft gebruikt voor een ander doel dan waarvoor deze is gegeven zodanig, dat dit gebruik blijk geeft van kwade trouw. Derhalve heeft [appellant C] misbruik gemaakt van een wettelijke bevoegdheid. Dit geldt evenzeer voor het gebruik van de bevoegdheid om beroep en hoger beroep in te stellen, nu dat niet los kan worden gezien van het doel waarmee [appellant C] de Wob heeft gebruikt. Deze handelwijze moet aan [appellant A] en [appellant B] worden toegerekend, aangezien [appellant C] de handelingen namens hen heeft verricht en zij hem daartoe hebben gemachtigd.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/367c771a431ceb647c580fdf49ec249759cb40c8b6213b6947a9c5eeeb194bb0. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 367c771a431ceb647c580fdf49ec249759cb40c8b6213b6947a9c5eeeb194bb0, en de alinea staat in dat document op bytes 12716 tot 13543.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/367c771a431ceb647c580fdf49ec249759cb40c8b6213b6947a9c5eeeb194bb0 | shasum -a 256