Citaat | Raad van State 16 maart 2016

Alinea 76 Raad van State 16 maart 2016

Een alinea uit Raad van State 16 maart 2016, ECLI:NL:RVS:2016:722.

9.1. Hetgeen [appellant sub 4] aanvoert geeft geen aanleiding voor het oordeel dat de rechtbank er ten onrechte van is uitgegaan dat in het rapport van Cauberg-Huygen van de juiste windrichtingen is uitgegaan, nu deze door Cauberg-Huygen ter plaatse van de inrichting zijn waargenomen en daarom het meest accuraat zijn. Voorts geeft hetgeen [appellant sub 4] aanvoert geen aanleiding voor het oordeel dat de rechtbank er ten onrechte van is uitgegaan dat de agrarische activiteiten die werden uitgevoerd tijdens de avond- en nachtperiode op 10 oktober 2012 als omgevingseigen geluidbronnen zijn aan te merken. Agrarische activiteiten zijn aan te merken als geluidbronnen die in een landelijke omgeving thuis horen en de omgeving waarin de agrarische activiteiten plaatsvonden is als zodanig aan te merken. Hetgeen [appellant sub 4] aanvoert geeft daarom geen aanleiding voor het oordeel dat slechts één bruikbare geluidmeting is uitgevoerd van het referentieniveau van het omgevingsgeluid en de rechtbank er ten onrechte van is uitgegaan dat volstaan kon worden met de op 20 augustus 2012 en 10 oktober 2012 uitgevoerde metingen van het referentieniveau van het omgevingsgeluid. Er is daarom voorts geen aanleiding voor het oordeel dat de rechtbank heeft miskend dat het referentieniveau van het omgevingsgeluid op onjuiste wijze is vastgesteld.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/1260d08dc465a087abbdafee175058a3985b9aae7b094b8ec5efb59579dec0d5. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 1260d08dc465a087abbdafee175058a3985b9aae7b094b8ec5efb59579dec0d5, en de alinea staat in dat document op bytes 30716 tot 32076.