Citaat | Raad van State 16 maart 2016

Alinea 68 Raad van State 16 maart 2016

Een alinea uit Raad van State 16 maart 2016, ECLI:NL:RVS:2016:734.

7.1. De raad stelt zich op het standpunt dat de voorziene mestvergistingsinstallatie niet in strijd is met artikel 2.8.3.1 van de Omgevingsverordening. Hiertoe betoogt de raad primair dat het plangebied deel uitmaakt van een bestaand agrarisch bouwperceel. Het vorige plan voorzag krachtens een wijzigingsbevoegdheid in agrarische bebouwing op het grootste deel van de gronden binnen het plangebied. Hierbij stelt de raad dat de twee agrarische bouwvlakken aan de Otterloseweg 54-56 krachtens de wijzigingsbevoegdheid elk tot 0,65 ha kunnen worden vergroot. Daarnaast hebben provinciale staten met deze bepaling volgens de raad eveneens beoogd een mestvergistingsinstallatie mogelijk te maken op gronden die grenzen aan een bestaand agrarisch bouwperceel. Subsidiair stelt de raad zich op het standpunt dat de gronden binnen het plangebied een vrijgekomen agrarische locatie vormen. De raad betoogt dat de Omgevingsverordening niet vereist dat op een dergelijke locatie eerst de bestaande agrarische activiteiten dienen te zijn gestaakt.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/bbd328221a7a19fa13bda4a69e29664f052a95f6faa9a28806ee7cbe8a311ec9. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt bbd328221a7a19fa13bda4a69e29664f052a95f6faa9a28806ee7cbe8a311ec9, en de alinea staat in dat document op bytes 33880 tot 34930.