Citaat | Raad van State 16 maart 2016
Alinea 32 Raad van State 16 maart 2016
Een alinea uit Raad van State 16 maart 2016, ECLI:NL:RVS:2016:735.
De staatssecretaris heeft terecht in aanmerking genomen dat [appellante] in België dan wel Nederland een aanvraag om verlening van een verblijfsvergunning kan indienen voor haar en haar kinderen, en dat [appellante] niet aannemelijk heeft gemaakt dat zij een dergelijke aanvraag heeft ingediend. Ter zitting van de Afdeling heeft de staatssecretaris er voorts op gewezen dat, en dit is niet weersproken, [appellante] tot op heden geen stukken heeft overgelegd inzake de identiteit van haar kinderen en hun verblijfsstatus in België. Evenmin heeft zij stukken overgelegd waaruit valt af te leiden dat zij en haar kinderen niet meer in België kunnen verblijven.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/e822826d74bb494545ff8419ac315e6005b48dc61d33a8a67cf26588cbee8e51. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt e822826d74bb494545ff8419ac315e6005b48dc61d33a8a67cf26588cbee8e51, en de alinea staat in dat document op bytes 16388 tot 17063.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/e822826d74bb494545ff8419ac315e6005b48dc61d33a8a67cf26588cbee8e51 | shasum -a 256