Citaat | Raad van State 20 januari 2016

Alinea 35 Raad van State 20 januari 2016

Een alinea uit Raad van State 20 januari 2016, ECLI:NL:RVS:2016:85.

3.5. [appellant] voert verder terecht aan dat het college het overzicht ten onrechte heeft beperkt tot hem betreffende persoonsgegevens op bovenvermelde digitale f- en g-schijven. [appellant] heeft in zijn brief van 5 september 2009 niet slechts verzocht om hem betreffende persoonsgegevens op deze schijven, maar ook om hem betreffende persoonsgegevens op alle andere digitale schijven. De stukken van het geding bieden geen grond voor het oordeel dat [appellant] zijn verzoek later heeft beperkt tot hem betreffende persoonsgegevens op bovenvermelde f- en g-schijven. Het college heeft het verzoek van [appellant] derhalve ten onrechte niet volledig beoordeeld op grond van de Wbp en de in die wet opgenomen weigeringsgronden. Voor zover het college met verwijzing naar de administratieve belasting wegens het aantal bestanden met de naam ‘[appellant]’ een beroep heeft gedaan op artikel 43, aanhef en onder c, van de Wbp, is de Afdeling van oordeel het college met die verwijzing niet aannemelijk heeft gemaakt dat zich in dit geval gewichtige economische en financiële belangen voordoen die zich tegen het verstrekken van [appellant] betreffende digitale persoonsgegevens verzetten.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/56fcede19fa9cd4e467af38492c939ea3f0824c9d5edd1b5788114d579a0318c. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 56fcede19fa9cd4e467af38492c939ea3f0824c9d5edd1b5788114d579a0318c, en de alinea staat in dat document op bytes 13315 tot 14519.