Citaat | Raad van State 6 april 2016

Alinea 68 Raad van State 6 april 2016

Een alinea uit Raad van State 6 april 2016, ECLI:NL:RVS:2016:915.

Voor zover het betoog van [appellant] moet worden opgevat als gericht tegen de grenzen van het plangebied, overweegt de Afdeling dat de raad ook bij het bepalen van de grenzen van het plangebied beleidsvrijheid toekomt. Deze vrijheid strekt echter niet zo ver dat de raad een begrenzing kan vaststellen die in strijd is met een goede ruimtelijke ordening. In hetgeen [appellant] heeft aangevoerd ziet de Afdeling geen aanleiding voor het oordeel dat de raad zich niet in redelijkheid op het standpunt heeft kunnen stellen dat de vastgestelde planbegrenzing strekt ten behoeve van een goede ruimtelijke ordening. Zij neemt daarbij in aanmerking dat [appellant] niet aannemelijk heeft gemaakt dat tussen zijn gronden en het plangebied een zodanige samenhang bestaat dat de raad deze gronden bij het plan had moeten betrekken. De enkele omstandigheid dat de gronden van [appellant] wel in het voorgaande plan waren betrokken, is daarvoor niet voldoende. Het betoog faalt.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/5d09f9244eedbee0d23621da19adb104419b32c1c930e1d27f291c683033eab8. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 5d09f9244eedbee0d23621da19adb104419b32c1c930e1d27f291c683033eab8, en de alinea staat in dat document op bytes 26423 tot 27404.