Citaat | Raad van State 13 april 2016
Alinea 28 Raad van State 13 april 2016
Een alinea uit Raad van State 13 april 2016, ECLI:NL:RVS:2016:976.
4. [appellant] betoogt tevens dat de rechtbank heeft miskend dat toepassing van artikel 13b van de Opiumwet in dit geval onredelijk is. Hij voert daartoe aan dat de toepassing hem een slechte naam heeft bezorgd, hetgeen het vinden van een nieuwe woning bemoeilijkt. Het belang bij sluiting van de woning woog niet op tegen deze nadelige gevolgen voor hem, aldus [appellant].
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/72667db17b761aeddb5fc3aec3e622ad2e0879a028ab364181ffc92031275853. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 72667db17b761aeddb5fc3aec3e622ad2e0879a028ab364181ffc92031275853, en de alinea staat in dat document op bytes 11411 tot 11798.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/72667db17b761aeddb5fc3aec3e622ad2e0879a028ab364181ffc92031275853 | shasum -a 256