Citaat | Raad van State 12 april 2017

Alinea 156 Raad van State 12 april 2017

Een alinea uit Raad van State 12 april 2017, ECLI:NL:RVS:2017:1034.

Bij de bedoelde rechtspraak van de Centrale Raad van Beroep teken ik ten slotte aan dat het naar mijn mening niet noodzakelijk is de "criminal charge" geforceerd te vervroegen, als wordt uitgegaan van de hiervoor (onder 4.3.3) genoemde reflexwerking van het zwijgrecht. Ook zonder dat in het aan het intreden van de "criminal charge" voorafgaande stadium van een cautieplicht sprake is, kan in dat stadium onder een zekere dwang (en zonder

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/bcfb6dc7cc4c6e06e421fa56a6e01248ce70ad7231e8a7995e7cbf9bc62dd245. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt bcfb6dc7cc4c6e06e421fa56a6e01248ce70ad7231e8a7995e7cbf9bc62dd245, en de alinea staat in dat document op bytes 71097 tot 71549.