Citaat | Raad van State 12 april 2017
Alinea 264 Raad van State 12 april 2017
Een alinea uit Raad van State 12 april 2017, ECLI:NL:RVS:2017:1034.
Met het voorgaande is echter nog niet de vraag beantwoord wat de Afdeling in haar uitspraak van 30 december 2015 met de term "dragend bewijs" voor ogen heeft gestaan. Kennelijk heeft de Afdeling bedoeld dat de uitsluiting van na de voltooiing van de bestuurlijke besluitvorming in te brengen bewijsmiddelen niet voor alle bewijsmiddelen, maar slechts voor bepaalde ("dragende") bewijsmiddelen geldt. Ik sluit niet uit dat de Afdeling met "dragende" bewijsmiddelen die bewijsmiddelen op het oog heeft gehad, die het bestuursorgaan in redelijkheid reeds in het stadium van de bestuurlijke besluitvorming aan de boeteoplegging ten grondslag had kunnen en dus had moeten leggen. Aldus beschouwd behoeft er geen groot verschil te bestaan tussen de hiervoor ontwikkelde opvatting omtrent de mogelijkheden van nader door het bestuursorgaan in (hoger) beroep in te brengen bewijs en hetgeen de Afdeling in haar uitspraak van 30 december 2015 heeft beslist.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/bcfb6dc7cc4c6e06e421fa56a6e01248ce70ad7231e8a7995e7cbf9bc62dd245. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt bcfb6dc7cc4c6e06e421fa56a6e01248ce70ad7231e8a7995e7cbf9bc62dd245, en de alinea staat in dat document op bytes 138054 tot 139015.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/bcfb6dc7cc4c6e06e421fa56a6e01248ce70ad7231e8a7995e7cbf9bc62dd245 | shasum -a 256