Citaat | Raad van State 12 april 2017

Alinea 388 Raad van State 12 april 2017

Een alinea uit Raad van State 12 april 2017, ECLI:NL:RVS:2017:1034.

(Vgl. in dit verband ook de conclusie van AG Vellinga (ECLI:NL:PHR:2014:1494) voor HR 9 september 2014, ECLI:NL:HR:2014:3282 (afdoening met toepassing van artikel 81, eerste lid, van de Wet op de rechterlijke organisatie; hierna: RO) over een situatie waarin vragen die een verdachte niet begreep zo nodig in het Engels werden toegelicht; HR 21 september 2010, ECLI:NL:HR:2010:BM4412 (géén uitsluiting van het onderzoeksresultaat van het bewijs) over een ademonderzoek waarbij geen tolk aanwezig was maar tussen de verdachte en de opsporingsambtenaren een zodanige communicatie mogelijk was dat de verdachte hen begreep; de conclusie van AG Vegter (ECLI:NL:PHR:2010:BM6913) voor HR 6 juli 2010, ECLI:NL:HR:2010:BM6913 (afdoening met toepassing van artikel 81, eerste lid, van de RO) over een voor de inwerkingtreding van de afnameplicht gehouden verhoor van verdachten door Nederlandse politieambtenaren in de Duitse taal; de conclusie van AG Jörg (ECLI:NL:PHR:2001:ZD2791) voor HR 19 juni 2001, ECLI:NL:HR:2001:ZD2791 (afdoening met toepassing van artikel 101a van de RO), waarin het toelaatbaar werd geoordeeld het verhoor in een andere taal te doen plaatsvinden indien de verdachte en de verbalisant beiden van oordeel zijn die taal voldoende te beheersen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/bcfb6dc7cc4c6e06e421fa56a6e01248ce70ad7231e8a7995e7cbf9bc62dd245. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt bcfb6dc7cc4c6e06e421fa56a6e01248ce70ad7231e8a7995e7cbf9bc62dd245, en de alinea staat in dat document op bytes 197473 tot 198748.