Citaat | Raad van State 19 april 2017

Alinea 72 Raad van State 19 april 2017

Een alinea uit Raad van State 19 april 2017, ECLI:NL:RVS:2017:1098.

De in artikel 15, eerste lid, onder c, van de RWN genoemde periode van tien jaar vangt gelet op artikel IV van de Rijkswet van 21 december 2000 tot wijziging Rijkswet op het Nederlanderschap (verkrijging, verlening en verlies van het Nederlanderschap) niet eerder aan dan op het tijdstip van inwerkingtreding van die wet, te weten op 1 april 2003. Dit brengt met zich dat het Nederlanderschap voor de meerderjarige die op 1 april 2013 tevens een vreemde nationaliteit bezit en tijdens zijn meerderjarigheid gedurende een ononderbroken periode van tien jaar in het bezit van beide nationaliteiten zijn hoofdverblijf heeft buiten Nederland, Aruba, Curaçao en Sint Maarten, en buiten de gebieden waarop het Verdrag betreffende de Europese Unie van toepassing is, verloren gaat. Gelet op artikel 15, vierde lid, van de RWN kan de periode, bedoeld in het eerste lid, onder c, worden gestuit door de verstrekking van een verklaring omtrent het bezit van het Nederlanderschap dan wel van een reisdocument of Nederlandse identiteitskaart in de zin van de Paspoortwet. Vanaf de dag van de verstrekking begint een nieuwe periode van tien jaren te lopen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/df36ac1a687869b506145cbe03efceb810522ef031474c4d205eb51b30f6c254. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt df36ac1a687869b506145cbe03efceb810522ef031474c4d205eb51b30f6c254, en de alinea staat in dat document op bytes 23477 tot 24641.