Citaat | Raad van State 10 mei 2017

Alinea 49 Raad van State 10 mei 2017

Een alinea uit Raad van State 10 mei 2017, ECLI:NL:RVS:2017:1207.

6. [appellanten] betogen dat de rechtbank niet heeft onderkend dat [vergunninghouder] geen belang heeft bij de paardenrijbak. Zij voeren daartoe aan dat deze bak is aangelegd door een derde en ook door die derde werd gebruikt. De aanwezigheid van die paardenrijbak is dan ook in het belang van die derde en niet van [vergunninghouder], aldus [appellanten].

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/aeea86015f90582495b3bf6a22c7f554a6fee2fbe5fe003b4a414fc022903f7a. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt aeea86015f90582495b3bf6a22c7f554a6fee2fbe5fe003b4a414fc022903f7a, en de alinea staat in dat document op bytes 12599 tot 12974.