Citaat | Raad van State 9 mei 2017

Alinea 22 Raad van State 9 mei 2017

Een alinea uit Raad van State 9 mei 2017, ECLI:NL:RVS:2017:1253.

3. De rechtbank heeft overwogen dat uit het samenstel van artikel 2, aanhef en onder m, artikel 19, eerste lid, en artikel 24, tweede lid, van richtlijn 2011/95/EU (hierna: de Kwalificatierichtlijn) volgt dat pas sprake is van daadwerkelijk afdwingbare subsidiaire bescherming als een onderdaan van het derde land beschikt over een verblijfstitel, omdat de verblijfstitel hem of haar toestaat op het grondgebied van de lidstaat te verblijven en hem of haar beschermt tegen verwijdering. Artikel 30a, eerste lid, aanhef en onder a, van de Vw 2000 moet volgens de rechtbank zo worden uitgelegd dat een asielaanvraag slechts niet-ontvankelijk kan worden verklaard indien een vreemdeling beschikt over een geldige verblijfstitel in een andere lidstaat van de Europese Unie.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/082eae07ce0d109cc1e4ae9c088c58c4b273285b54c3b1a1799b707f7ffdb257. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 082eae07ce0d109cc1e4ae9c088c58c4b273285b54c3b1a1799b707f7ffdb257, en de alinea staat in dat document op bytes 7130 tot 7918.