Citaat | Raad van State 9 mei 2017

Alinea 29 Raad van State 9 mei 2017

Een alinea uit Raad van State 9 mei 2017, ECLI:NL:RVS:2017:1253.

5.1.2. Anders dan de rechtbank heeft overwogen brengt het verlopen van de verblijfstitel voorts niet met zich dat niet langer sprake is van afdwingbare subsidiaire bescherming. Zo volgt uit onder meer artikel 20, eerste lid, van de Kwalificatierichtlijn dat de voordelen van hoofdstuk VII verbonden zijn aan de verleende vluchtelingenstatus of subsidiaire beschermingsstatus en niet aan de verblijfstitel. Voor deze uitleg vindt de Afdeling steun in het arrest H.T. (punt 95). Daarin heeft het Hof overwogen dat zolang de aan de vreemdeling verleende status niet is ingetrokken of beëindigd deze vreemdeling, ook als hem zijn verblijfstitel is ontnomen, internationale bescherming geniet en uit hoofde hiervan het recht behoudt op de voordelen die hoofdstuk VII van de Kwalificatierichtlijn hem biedt, waaronder begrepen het recht op bescherming tegen refoulement, alsook het recht op toegang tot sociale voorzieningen, gezondheidszorg en huisvesting.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/082eae07ce0d109cc1e4ae9c088c58c4b273285b54c3b1a1799b707f7ffdb257. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 082eae07ce0d109cc1e4ae9c088c58c4b273285b54c3b1a1799b707f7ffdb257, en de alinea staat in dat document op bytes 13508 tot 14479.