Citaat | Raad van State 5 juli 2017

Alinea 37 Raad van State 5 juli 2017

Een alinea uit Raad van State 5 juli 2017, ECLI:NL:RVS:2017:1819.

3. [appellante] betoogt verder dat de rechtbank niet heeft onderkend dat de arbeidsinspecteurs bij het horen van de vreemdelingen onzorgvuldig te werk zijn gegaan. Zij maakt daartoe opmerkingen over de ondertekening en voert verder aan dat de arbeidsinspecteurs onduidelijke vragen hebben gesteld, hebben verzuimd door te vragen, in de meeste gevallen geen gebruik hebben gemaakt van een beëdigde tolk en onvoldoende tijd hebben uitgetrokken voor de verhoren. In enkele gevallen zijn vertalers ingezet in plaats van tolken, hetgeen volgens [appellante] niet geoorloofd is, omdat het werk van een tolk andere vaardigheden vergt dan dat van een vertaler. Voorts is het inzetten van telefonische tolken volgens haar onzorgvuldig, omdat dat de verstaanbaarheid negatief beïnvloedt. De kans op vertaalfouten is dan groter dan wanneer de tolk lijfelijk aanwezig is. Bovendien wijst [appellante] op de mogelijkheid dat de gebruikte tolken en vertalers niet neutraal hebben vertaald. Zij voert verder aan dat de 22 verhoorde vreemdelingen niet bekend waren met het juridische jargon, niet hebben kunnen verifiëren of hun verklaringen, zoals die in de bij het boeterapport gevoegde processen-verbaal zijn neergelegd, overeenkomen met wat zij hebben verklaard en dat de arbeidsinspecteurs hun niet het doel van de vragen hebben uitgelegd.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/ef85b397539c2c6be6b181a028a28035fbd01d0bb7dad06221a49b764171cf02. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt ef85b397539c2c6be6b181a028a28035fbd01d0bb7dad06221a49b764171cf02, en de alinea staat in dat document op bytes 16196 tot 17546.