Citaat | Raad van State 5 juli 2017
Alinea 69 Raad van State 5 juli 2017
Een alinea uit Raad van State 5 juli 2017, ECLI:NL:RVS:2017:1819.
6. [appellante] betoogt voorts dat de rechtbank niet heeft onderkend dat zij ten onrechte is beboet, omdat de vreemdelingen werkzaam zijn geweest in het kader van grensoverschrijdende dienstverrichting. Anders dan de rechtbank heeft overwogen, bestond de door [bedrijf D] verrichte dienst niet uit het ter beschikking stellen van arbeidskrachten als bedoeld in artikel 1e, eerste lid, van het Besluit uitvoering Wav. [appellante] wijst er in dit verband op dat het verplaatsen van de vreemdelingen naar Nederland niet het doel op zich was van de dienstverrichting. [bedrijf D] moest bijvoorbeeld ook bepaalde gereedschappen en bedrijfskleding meebrengen. Ook was zij verantwoordelijk voor eventuele herstelwerkzaamheden indien het geleverde werk bij oplevering niet bleek te voldoen aan de gemaakte afspraken. Verder blijkt uit een zogeheten ordernote dat [bedrijf D] zelf mocht bepalen waar het werk werd verricht. Voorts is de aanneemsom niet gebaseerd op het aantal te besteden uren, maar op het gewicht van de benodigde materialen. [appellante] voert verder aan dat de rechtbank ten onrechte heeft geoordeeld dat de vreemdelingen onder leiding en toezicht van [bedrijf C] werkzaam waren. Het door [bedrijf C] in haar hoedanigheid van hoofdaannemer uitgeoefende toezicht was beperkt tot het geven van aanwijzingen over de uitvoering van het werk, kwaliteitscontrole en coördinatie van de tijdsplanning, hetgeen bij aanneming van werk - zeker bij de bouw van een schip - gebruikelijk en noodzakelijk is. [bedrijf C] heeft dan ook geen overleg gevoerd met de vreemdelingen op de werklocatie, maar uitsluitend met de projectleiding van [bedrijf D] op het kantoor van [bedrijf C]. [appellante] wijst er in dit verband verder op dat een goede afstemming tussen [bedrijf D] en [bedrijf C] noodzakelijk was om het klassenbureau, een door de Inspectie Leefomgeving en Transport erkende keuringsorganisatie, in staat te stellen haar taak uit te oefenen. [appellante] wijst er voorts op dat het voor de werknemers van [bedrijf C] uit praktisch en arbeidsrechtelijk oogpunt niet mogelijk was toezicht te houden op de vreemdelingen.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/ef85b397539c2c6be6b181a028a28035fbd01d0bb7dad06221a49b764171cf02. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt ef85b397539c2c6be6b181a028a28035fbd01d0bb7dad06221a49b764171cf02, en de alinea staat in dat document op bytes 40301 tot 42444.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/ef85b397539c2c6be6b181a028a28035fbd01d0bb7dad06221a49b764171cf02 | shasum -a 256