Citaat | Raad van State 1 februari 2017
Alinea 44 Raad van State 1 februari 2017
Een alinea uit Raad van State 1 februari 2017, ECLI:NL:RVS:2017:209.
5.7. Zoals de Afdeling in de uitspraak van 14 september 2016 heeft overwogen, moet de aanwijzing van een land als veilig land van herkomst voldoen aan een aantal materiële vereisten. Uit de betrokken informatiebronnen moet blijken dat er in het desbetreffende land wet- en regelgeving is die vervolging in de zin van het Vluchtelingenverdrag en Richtlijn 2011/95/EU (PB 2011, L 337; de Kwalificatierichtlijn) en behandeling in strijd met artikel 3 van het EVRM verbiedt en die het voor de autoriteiten van dat land mogelijk maakt om hiertegen bescherming te bieden. Dit betreft de juridische situatie in het betrokken land. Tevens moet daaruit blijken dat die wet- en regelgeving in de praktijk wordt toegepast en dat bescherming dus ook feitelijk wordt geboden, waarvoor ingevolge artikel 3.37f, tweede lid, van het VV 2000 onder meer de daadwerkelijke beschikbaarheid van een systeem van rechtsmiddelen relevant is. Dit betreft de feitelijke situatie in het betrokken land.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/bd2eb6d2b785e384233fe6fe89fdb509a1ff7ccec6c893d1d6659f3ef8c7d9ca. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt bd2eb6d2b785e384233fe6fe89fdb509a1ff7ccec6c893d1d6659f3ef8c7d9ca, en de alinea staat in dat document op bytes 22192 tot 23181.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/bd2eb6d2b785e384233fe6fe89fdb509a1ff7ccec6c893d1d6659f3ef8c7d9ca | shasum -a 256