Citaat | Raad van State 1 februari 2017
Alinea 50 Raad van State 1 februari 2017
Een alinea uit Raad van State 1 februari 2017, ECLI:NL:RVS:2017:210.
6.13. Overigens is de door de staatssecretaris gemaakte uitzondering voor LHBT's ook in lijn met het standpunt van de United Nations High Commissioner for Refugees (hierna: de UNHCR). In dat kader wijst de Afdeling op het stuk "Improving Asylum Procedures, Comparative analysis and recommendations for law and practice" van de UNHCR van maart 2010 (blz. 65-66). Door een uitzondering te maken voor vreemdelingen die behoren tot groepen, waarvoor uit algemene informatie blijkt dat de positie zorgwekkend is, en asielaanvragen van vreemdelingen behorend tot die groepen niet in de versnelde asielprocedure te behandelen, wordt de daarin door de UNHCR gewenste zorgvuldigheid en aandacht voor de individuele beoordeling bewerkstelligd. Hiervoor vindt de Afdeling ook steun in de door de staatsraad advocaat-generaal in punt 4.14 van zijn conclusie genoemde bronnen, als de Commissie Meijers en het Bureau van de Europese Unie voor de grondrechten. Zo heeft de Commissie Meijers in de "Note on an EU list of safe countries of origin, Recommendations and amendments" van 5 oktober 2015 de Europese Commissie aanbevolen in de huidige Procedurerichtlijn uitdrukkelijk te voorzien in een mogelijkheid om - als een land niet volledig veilig is - dat land op de Europese of nationale lijst van veilige landen van herkomst te plaatsen met een uitzondering voor één of meer specifieke groepen. Ook het Bureau van de Europese Unie voor de grondrechten heeft in de "Opinion concerning an EU common list of safe countries of origin" van 23 maart 2016 (blz. 22) uitdrukkelijk aandacht gevraagd voor de positie van minderheidsgroepen. Door een bepaalde groep uit te zonderen, geeft de staatssecretaris blijk van bijzondere aandacht voor de positie van die groep, in het licht van de algemene veiligheidssituatie in een land van herkomst. Dit betekent overigens niet dat de uitgezonderde groep in het land van herkomst te vrezen heeft voor vervolging of blootstelling aan een praktijk van onmenselijke behandelingen in de zin van artikel 3 van het EVRM.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/ae28aed6a189147bd6b8e0dc5ca89e91b4cedc67b6a6d7ee17df9ffa98441bba. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt ae28aed6a189147bd6b8e0dc5ca89e91b4cedc67b6a6d7ee17df9ffa98441bba, en de alinea staat in dat document op bytes 29745 tot 31796.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/ae28aed6a189147bd6b8e0dc5ca89e91b4cedc67b6a6d7ee17df9ffa98441bba | shasum -a 256