Citaat | Raad van State 1 september 2017

Alinea 25 Raad van State 1 september 2017

Een alinea uit Raad van State 1 september 2017, ECLI:NL:RVS:2017:2377.

2. Aan zijn asielaanvraag heeft de vreemdeling ten grondslag gelegd dat hij vreest voor strafrechtelijke vervolging door het huidige Georgische regime. Volgens de vreemdeling berust die vervolging op valse aantijgingen en is deze opgezet omdat hij deel uitmaakte van, dan wel werkte voor, het vorige regime. De staatssecretaris heeft de asielaanvraag afgewezen. Volgens hem zijn er ernstige redenen om te veronderstellen dat de vreemdeling zich schuldig heeft gemaakt aan ernstige niet-politieke misdrijven en handelingen als bedoeld in artikel 1(F) van het Vluchtelingenverdrag. Ter motivering van dat standpunt verwijst de staatssecretaris naar een uitleveringsverzoek van de Georgische overheid van 3 juni 2014 (hierna: het uitleveringsverzoek).

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/fcc7a2b2dd01f95b012cc3a69b1d75b3a333a2cb91e982845eeb176e02e007b6. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt fcc7a2b2dd01f95b012cc3a69b1d75b3a333a2cb91e982845eeb176e02e007b6, en de alinea staat in dat document op bytes 6891 tot 7658.