Citaat | Raad van State 1 september 2017

Alinea 29 Raad van State 1 september 2017

Een alinea uit Raad van State 1 september 2017, ECLI:NL:RVS:2017:2377.

3.1. Volgens vaste rechtspraak van de Afdeling is het aan de staatssecretaris om aan te tonen dat er ernstige redenen zijn om te veronderstellen dat een vreemdeling één van de zeer ernstige misdrijven, bedoeld in artikel 1(F) van het Vluchtelingenverdrag heeft gepleegd. Wegens enerzijds de ernst van de misdrijven waarop artikel 1(F) van het Vluchtelingenverdrag betrekking heeft en anderzijds het verstrekkende karakter van de vaststelling dat die bepaling op een vreemdeling van toepassing is, worden aan de bewijsvoering en de motivering van de staatssecretaris strenge eisen gesteld (onder meer de uitspraak van 16 juni 2015, ECLI:NL:RVS:2015:2008).

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/fcc7a2b2dd01f95b012cc3a69b1d75b3a333a2cb91e982845eeb176e02e007b6. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt fcc7a2b2dd01f95b012cc3a69b1d75b3a333a2cb91e982845eeb176e02e007b6, en de alinea staat in dat document op bytes 9264 tot 9939.