Citaat | Raad van State 20 september 2017

Alinea 35 Raad van State 20 september 2017

Een alinea uit Raad van State 20 september 2017, ECLI:NL:RVS:2017:2557.

4. Bo-Mij Beheer betoogt dat de rechtbank niet heeft onderkend dat het college niet bevoegd was handhavend op te treden tegen de gevelreclame aan de panden op het adres Eerste Oosterparkstraat 53-61 omdat zij op 18 augustus 1992 bij het college daarvan melding heeft gedaan op grond van artikel 42, eerste lid, van de Woningwet (oud), gelezen in verbinding met het Besluit meldingplichtige bouwwerken (oud). In deze melding zijn reclameborden genoemd. Omdat het college niet binnen vijf weken na de melding heeft laten weten dat een vergunning was vereist, is gelet op artikel 42, zesde lid, van de Woningwet (oud) een fictieve akkoordverklaring ontstaan ten aanzien van deze gevelreclame, aldus Bo-Mij Beheer.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/dc09686acb366a880c66331be3c0bb3d063ed61ddd9cd18323b1a61b7f9b63d1. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt dc09686acb366a880c66331be3c0bb3d063ed61ddd9cd18323b1a61b7f9b63d1, en de alinea staat in dat document op bytes 11263 tot 11992.