Citaat | Raad van State 4 oktober 2017

Onder 5.1. Raad van State 4 oktober 2017

Een alinea uit Raad van State 4 oktober 2017, ECLI:NL:RVS:2017:2669.

Vreemdeling D en vreemdeling I hebben beiden uiteengezet dat het alternatief van het indienen van een volgend verzoek om internationale bescherming op te grote bezwaren stuit. Zij hebben er in dit verband op gewezen dat er slechts beperkt recht op financiële rechtsbijstand is en dat een beroep tegen een eventueel afwijzend besluit als uitgangspunt geen schorsende werking heeft, wat ook kan gelden voor het indienen van een verzoek om een voorlopige voorziening. Dit betekent dat zij een beslissing van de bestuursrechter in eerste aanleg in asielzaken op dat verzoek niet in Nederland mogen afwachten. Zij lopen hierdoor het risico te worden uitgezet naar hun land van herkomst voordat een bestuursrechter in eerste aanleg zich over het nieuw aangevoerde asielmotief heeft kunnen uitlaten. Verder hebben zij erop gewezen dat er geen recht op opvang is tussen het indienen van het volgende verzoek en het daarna af te nemen gehoor, terwijl dit gehoor volgens hen soms maanden later plaatsvindt. Tot slot hebben vreemdeling D en vreemdeling I erop gewezen dat de behandeling van het volgende verzoek plaatsvindt in een verkorte procedure.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/22c445ca6b716e50a6c0f0d64e13a311dd8f237180f8ac8821b5eeb91979d79e. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 22c445ca6b716e50a6c0f0d64e13a311dd8f237180f8ac8821b5eeb91979d79e, en de alinea staat in dat document op bytes 22944 tot 24097.