Citaat | Raad van State 1 november 2017
Alinea 43 Raad van State 1 november 2017
Een alinea uit Raad van State 1 november 2017, ECLI:NL:RVS:2017:2964.
7. [appellante] betoogt voorts dat de rechtbank ook wat de verlenging van het opgelegde huisverbod betreft, ten onrechte heeft overwogen dat een dreiging van gevaar bestond of een ernstig vermoeden daartoe. Daarbij is volgens haar van belang dat uit het beleidsadvies volgt dat hulpverlening na haar aanhouding direct bij haar gezin en haarzelf betrokken is geweest. Een hulpverlener heeft nog op 13 juli 2016 met haar kunnen spreken. Anders dan de rechtbank heeft geconcludeerd, is daarmee een reële aanvang gemaakt met de benodigde hulpverlening. Verder heeft de rechtbank miskend dat ook ten tijde van de verlenging van het opgelegde huisverbod duidelijk was hoe lang zij in voorlopige hechtenis zou blijven. In ieder geval was zeker dat zij tot en met 28 juli 2016 in voorlopige hechtenis zou blijven. Uit de stukken volgt niet op welke wijze de burgemeester navraag heeft gedaan over het beloop van de voorlopige hechtenis. Het viel evenmin te verwachten dat die voorlopige hechtenis, ook niet ten tijde van de raadkamer op 28 juli 2016, onder bepaalde voorwaarden zou worden geschorst, gelet op de ernst van de feiten waarvan zij werd verdacht, aldus [appellante].
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/015204c2a52cefe3dc4103f52ddee1dfc1995cb4b8d9b49b9821557c2d5c22bd. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 015204c2a52cefe3dc4103f52ddee1dfc1995cb4b8d9b49b9821557c2d5c22bd, en de alinea staat in dat document op bytes 15577 tot 16767.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/015204c2a52cefe3dc4103f52ddee1dfc1995cb4b8d9b49b9821557c2d5c22bd | shasum -a 256