Citaat | Raad van State 9 november 2017

Alinea 26 Raad van State 9 november 2017

Een alinea uit Raad van State 9 november 2017, ECLI:NL:RVS:2017:3057.

4. [appellante] voert aan dat de burgemeester niet bevoegd was tot toepassing van artikel 13b van de Opiumwet. De drugs waren van [persoon] en waren voor eigen gebruik, hetgeen wordt bevestigd in zijn verklaring. [appellante] heeft weliswaar verklaard dat de drugs van haar waren, maar dat deed zij alleen om [persoon] in bescherming te nemen. Hieruit blijkt dat de drugs niet in de woning aanwezig waren met het doel deze te verkopen, af te leveren of te verstrekken. Bovendien zijn overige attributen die wijzen op drugshandel niet aangetroffen, is geen sprake geweest van loop naar het pand en zijn er in het verleden evenmin meldingen gedaan met betrekking tot overlast van drugshandel in het pand. In dit kader wijst [appellante] op de uitspraak van de rechtbank Zeeland-West-Brabant van 23 januari 2017, ECLI:NL:RBZWB:2017:418.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/3132a2fcb20f94246ea4db5ba71c8c7a8eaba37f9fa0db2ba769edc55252c3fb. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 3132a2fcb20f94246ea4db5ba71c8c7a8eaba37f9fa0db2ba769edc55252c3fb, en de alinea staat in dat document op bytes 7785 tot 8637.