Citaat | Raad van State 8 februari 2017

Alinea 71 Raad van State 8 februari 2017

Een alinea uit Raad van State 8 februari 2017, ECLI:NL:RVS:2017:326.

5.11. Indien vervolgens een uitwerkingsplan was vastgesteld en in werking was getreden en Lidl een aanvraag om tegemoetkoming in planschade als gevolg van dat uitwerkingsplan had ingediend, had het college, met toepassing van de onder 5.9 bedoelde regel, een vergelijking behoren te maken tussen de redelijke verwachting van de invulling van de uit te werken bestemming voor woondoeleinden van het tweede bestemmingsplan en de maximale mogelijkheden van het uitwerkingsplan. Dat is niet in strijd met de bedoeling van de wetgever. In deze situatie bestaat immers niet het risico dat een tegemoetkoming voor theoretische planschade wordt verstrekt. Indien uit de vergelijking zou blijken dat de maximale mogelijkheden van het uitwerkingsplan voor haar groter zijn dan de redelijke verwachting van de invulling van de uit te werken bestemming, is Lidl niet in een nadeliger planologische positie komen te verkeren en heeft zij geen planschade geleden. Indien de maximale mogelijkheden van het uitwerkingsplan voor haar kleiner zouden zijn, is Lidl in een nadeliger planologische positie komen te verkeren.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/1f2b2f403b6091bcaaf2d28f9f1caa55d0aa36156e2db1170dca4eb21560a487. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 1f2b2f403b6091bcaaf2d28f9f1caa55d0aa36156e2db1170dca4eb21560a487, en de alinea staat in dat document op bytes 27171 tot 28287.